Wat als onze manier van kijken uit balans raakt?

Afgelopen zondag woonde ik de Trefdag “Stilte in de storm” van stichting Waerbeke bij. De ochtend stond in het teken van de keynote van Michiel Bouman, die het lijvige werk van Iain McGilchrist, "De meester en zijn afgezanten", op een heldere manier besprak.

Wat me misschien nog het meest raakte, was hoe herkenbaar het verhaal van McGilchrist inmiddels is geworden. Niet alleen maatschappelijk, maar juist ook in ons dagelijkse (professionele) leven. Want hoe snel zijn we vandaag de dag niet aan het analyseren, reageren, positioneren en categoriseren? En hoe moeilijk is het geworden om werkelijk met een open blik te kijken, zonder onmiddellijk te willen weten, benoemen of bevestigen?

McGilchrist, neuropsychiater en filosoof, beschrijft in zijn boek de twee hersenhelften niet aan de hand van de bekende clichés zoals “rationeel” versus “creatief”. Hij ziet ze eerder als twee fundamenteel verschillende manieren van in de wereld staan. De linkerhersenhelft focust op controle, analyse, details en voorspelbaarheid. De rechterhersenhelft richt zich juist op context, samenhang, relatie, ervaren, intuïtie en het grote geheel.

Volgens McGilchrist heeft dit niet alleen gevolgen voor hoe we als individu denken of waarnemen, maar ook voor hoe een samenleving en cultuur zich ontwikkelen.

Wanneer die controlerende vorm van aandacht dominant wordt, ontstaat er al snel vernauwing, polarisatie en hokjesdenken. Er ontstaan systemen die vooral bevestigen wat we al kennen of geloven.

De link met onze huidige (werk)cultuur is dan ook snel gelegd. We leven in een tijd van voortdurende versnelling, informatie-overload en algoritmes die ons steeds vaker voorschotelen wat we al dachten te weten. Daardoor vernauwt onze aandacht — niet alleen individueel, maar ook collectief.

De boodschap is uiteindelijk niet dat rationaliteit fout is, maar dat we het evenwicht en de samenwerking tussen beide hersenhelften moeten herstellen. Dat betekent: meer aandacht voor nuance, verbeelding en pure ervaring. En de ruimte durven laten voor het 'niet-onmiddellijk-weten'.

Misschien is dat wel de grootste paradox van deze tijd: we beschikken over meer informatie, analyses en intelligentie dan ooit, maar tegelijkertijd ervaren we minder ruimte, nuance en helderheid. Juist daarom hebben we vandaag nood aan een ander soort gesprekken. Gesprekken waarin niet alles onmiddellijk benoemd, opgelost of bevestigd hoeft te worden.

Volgende
Volgende

Mediteren is meer dan ‘Rust zoeken’